Beschrijving
BOSCH-gaspedaal voor Stellantis-auto’s
Beschrijving van het onderdeel
Gebruikt BOSCH-gaspedaal met productnummers 9674829780 en 9838028180, bedoeld voor de elektronische regeling van de acceleratievraag. Bij dit type onderdeel geeft de pedaalpositiesensor de regeleenheid informatie over het intrappen van het pedaal. Een goede werking is belangrijk voor een soepele en voorspelbare reactie van de auto op het intrappen van het gaspedaal.
Dit is een mogelijke vervanging voor een defect pedaal bij een autoreparatie, zonder dat u een nieuw onderdeel hoeft aan te schaffen. Let bij uw keuze vooral op de markering van het oorspronkelijke onderdeel, de uitvoering van de connector en de bevestiging. De modellenlijst in de beschikbare informatie betekent op zichzelf niet dat het onderdeel geschikt is voor alle varianten daarvan.
Technische informatie
- Fabrikant: BOSCH
- Model: CITROEN BERLINGO III; Citroën Berlingo K9; FIAT DOBLO III; OPEL COMBO E K9; PEUGEOT PARTNER III; PEUGEOT RIFTER; Toyota ProAce City
- Type onderdeel: gaspedaal met elektronische positiedetectie
- Staat: gebruikt auto-onderdeel
- Productnummers: 9674829780, 9838028180
- Overige nummers: niet vermeld
- Bouwjaren en motorvarianten: niet vermeld
Productcodes
- Productcodes: 9674829780, 9838028180
Beide nummers staan vermeld in de informatie over het aangeboden pedaal. Vergelijk ze met de markering op het gedemonteerde onderdeel; alleen een visuele gelijkenis tussen pedalen betekent niet noodzakelijk dat de elektrische uitvoering overeenkomt.
Aanbevelingen voor de montage
De volgende procedure is algemeen en geldt voor elektronische gaspedaalmodules. De exacte demontage, toegang tot de bevestiging en eventuele afstelling na vervanging zijn afhankelijk van het specifieke model en de uitvoering van de auto. Volg de serviceprocedure van de fabrikant.
1) Vóór de montage
- Vergelijk de productnummers, de vorm van het pedaal, de bevestigingspunten en de uitvoering van de connector met het oude onderdeel.
- Controleer de behuizing, de pedaalarm en de bevestigingsdelen. Deze mogen niet gebarsten of vervormd zijn.
- Controleer of het pedaal soepel beweegt en vanzelf terugkeert naar de uitgangspositie. Gebruik geen overmatige kracht.
- Controleer de contacten en de vergrendeling van de connector. Let op corrosie, vocht, verbogen contacten of tekenen van oververhitting.
- Controleer vóór vervanging ook de bedrading en de connector in de auto, omdat de storing niet per se in het pedaal zelf zit.
2) Benodigd gereedschap en materiaal
- Gangbaar handgereedschap dat geschikt is voor de gebruikte bevestigingsmiddelen.
- Geschikt gereedschap om eventuele afdekkingen voorzichtig los te maken, en een zaklamp.
- Een schone doek en eventueel een middel dat geschikt is voor het reinigen van elektrische contacten.
- Een diagnoseapparaat dat geschikt is voor de betreffende auto, met name voor het controleren van het pedaalsignaal en het storingsgeheugen.
3) Stapsgewijze montageprocedure
- Beveilig de auto tegen wegrollen en verwijder voorwerpen of vloermatten die de beweging van het pedaal kunnen beperken.
- Lees vóór de demontage, indien mogelijk, de storingen uit en noteer deze, evenals de beschikbare gegevens over de pedaalpositie.
- Schakel het contact uit en laat de elektronica volgens de aanwijzingen van de fabrikant in de ruststand komen. Koppel de accu los volgens de serviceprocedure voor de betreffende auto.
- Maak de bevestiging van het pedaal toegankelijk. Verwijder eventuele afdekkingen die in de weg zitten voorzichtig, zonder clips of bedrading te beschadigen.
- Noteer de oorspronkelijke loop van de kabelboom, zodat deze op dezelfde manier kan worden teruggeplaatst.
- Maak de vergrendeling van de elektrische connector los en koppel deze af door de behuizing vast te pakken, niet door aan de draden te trekken.
- Maak de bevestigingsmiddelen los, ondersteun het pedaal en verwijder het. Controleer de staat van de pasvlakken en bevestigingspunten.
- Vergelijk beide onderdelen nogmaals en verwijder vuil uit de montageruimte. Breng geen vloeistoffen aan op het mechanisme of het elektrische gedeelte van het pedaal.
- Plaats het vervangende pedaal zonder spanning en bevestig het volgens de voorschriften van de fabrikant. Corrigeer een onjuiste positie niet door de bevestiging met kracht aan te draaien.
- Sluit de connector aan totdat de vergrendeling vastklikt en leg de bedrading zo dat deze niet strak staat, schuurt of de beweging van het pedaal hindert.
- Plaats de verwijderde afdekkingen terug, herstel de stroomvoorziening volgens de aanwijzingen van de fabrikant en controleer of het pedaal vrij beweegt. Voer eventuele voorgeschreven afstellingen uit met geschikte diagnoseapparatuur.
4) Controles na de montage en functietest
- Controleer met uitgeschakelde motor of het pedaal soepel beweegt en terugkeert, en of er voldoende ruimte is voor de pedaalbeweging, met inbegrip van de juiste plaatsing van de vloermat.
- Als de diagnoseapparatuur de pedaalpositie kan weergeven, controleer dan of de waarden soepel veranderen wanneer u het pedaal langzaam intrapt en loslaat.
- Controleer het storingsgeheugen. Wis eventuele storingen niet voordat de oorzaak ervan is beoordeeld.
- Controleer na een geslaagde statische test de reactie van de auto tijdens een korte proefrit op een veilige plek. Breek de rit af en verhelp de storing als de auto onregelmatig op het gaspedaal reageert, het pedaal blijft hangen of er een waarschuwingsmelding verschijnt.
5) Veelvoorkomende montagefouten en hoe u deze voorkomt
- Pedalen verwisselen die er vergelijkbaar uitzien: vergelijk de markeringen, de connector en de bevestigingspunten.
- Connector niet goed vergrendeld: controleer of de connector goed aansluit en de vergrendeling werkt, en niet alleen of de connector is ingestoken.
- Beknelde of strak gespannen bedrading: behoud de oorspronkelijke ligging en controleer de bedrading nadat de afdekkingen zijn teruggeplaatst.
- Beschadiging van de bevestiging door te strak aandraaien: volg de procedure en het voorgeschreven aanhaalmoment van de autofabrikant.
- Vervanging zonder de oorzaak te controleren: controleer ook de contacten en de bedrading, zodat het oorspronkelijke probleem niet blijft bestaan.
Oorzaken van schade aan het onderdeel
Bij elektronische gaspedaalmodules zijn de volgende oorzaken van schade of een onjuiste werking in het algemeen mogelijk. Dit is geen beschrijving van de vastgestelde staat van het aangeboden onderdeel.
- Langdurige mechanische belasting van bewegende delen en het terugkeermechanisme.
- Vocht en vuil, die elektrische contacten kunnen beschadigen of de werking van het mechanisme kunnen beïnvloeden.
- Beschadigde connector of bedrading, bijvoorbeeld door aan de draden te trekken, schuren of onzorgvuldige demontage.
- Mechanische impact of overbelasting, waardoor de behuizing, de pedaalarm of de bevestigingspunten kunnen barsten.
- Storing in de positiedetectie, die kan leiden tot een onregelmatig of onbetrouwbaar signaal naar de regeleenheid.







