ECU Sagem S2000-2A 9644625680 9646988680 1940W1

€ 48,00

Stellantis CITROEN PEUGEOT
9644625680 9646988680 1940W1 1940W2 NFP

1 op voorraad

SKU: 9912-S9_K16 Tags: , , , , ,

Beschrijving

SAGEM-regeleenheid voor PEUGEOT 206 1.4i

Beschrijving van het onderdeel

Gebruikte Sagem S2000-2A-injectieregeleenheid voor Peugeot 206 1.4i. Deze regelt de brandstofinjectie en aanverwante motorfuncties op basis van signalen van de sensoren. Een geschikte keuze ter vervanging van een defecte eenheid, mits deze overeenkomt met de vereiste uitvoering en correct aan het voertuig is aangepast.

Vergelijk bij het kiezen vooral de aanduiding S2000-2A en de productnummers 9644625680, 9646988680 en 1940W1 met de oorspronkelijke eenheid. Alleen een overeenkomstig automodel is niet voldoende om de uitwisselbaarheid te bevestigen. Houd er bij een gebruikte regeleenheid ook rekening mee dat gegevens moeten worden overgezet of dat codering nodig is; alleen de stekkers aansluiten is mogelijk niet voldoende om de motor te starten.

Technische informatie

  • Fabrikant: SAGEM
  • Model: Peugeot 206
  • Motorisering vermeld in de documentatie: 1.4i
  • Type eenheid: S2000-2A
  • Onderdeelcategorie: injectieregeleenheid
  • Staat: gebruikt onderdeel
  • Overige nummers: 1940W2
  • Overige aanduiding in de documentatie: NFP

Productcodes

  • Productcodes: 9644625680, 9646988680, 1940W1, 1940W2
  • Typeaanduiding: Sagem S2000-2A

De vermelde codes maken het gemakkelijker het onderdeel op te zoeken en met de oorspronkelijke eenheid te vergelijken. De vermelding ervan bevestigt op zichzelf niet dat alle hardware- en softwarevarianten uitwisselbaar zijn.

Aanbevelingen voor montage

Voor dit type onderdeel geldt in het algemeen: het vervangen van een injectieregeleenheid omvat zowel de mechanische montage als de elektronische aanpassing. De volgende procedure is algemeen; de exacte stappen, het loskoppelen van de voeding en de programmeermethode zijn afhankelijk van de specifieke uitvoering van het voertuig en de eenheid.

1) Vóór de montage

  • Controleer met diagnoseapparatuur de oorzaak van de storing. Problemen met de voeding, massa, bedrading of aangesloten onderdelen kunnen een defecte eenheid nabootsen.
  • Vergelijk de productnummers, typeaanduiding, stekkers, bevestiging en beschikbare gegevens over de hardware- en softwareversie met die van het oude onderdeel.
  • Controleer de gebruikte eenheid: de behuizing, contacten en vergrendelingen van de stekkers mogen geen zichtbare schade, vocht of corrosie vertonen.
  • Bepaal vooraf hoe de gegevens worden overgezet of de initialisatie wordt uitgevoerd. Als de oorspronkelijke eenheid communiceert, maak dan een back-up van de beschikbare gegevens en configuratie.

2) Benodigd gereedschap en materiaal

  • Gangbaar handgereedschap dat geschikt is voor de bevestiging en gereedschap om de stekkers veilig los te maken.
  • PSA-diagnoseapparatuur en, afhankelijk van de gekozen procedure, ook geschikte programmeerapparatuur.
  • Een multimeter om elektrische circuits te controleren volgens de servicedocumentatie.
  • Middelen die geschikt zijn voor het reinigen van elektrische contacten, schone hulpmiddelen en bescherming tegen elektrostatische ontlading bij werkzaamheden aan elektronica.
  • Voor het programmeren een gestabiliseerde voeding die voldoet aan de vereisten van de gebruikte serviceapparatuur.

3) Stapsgewijze montageprocedure

  1. Noteer de symptomen van de storing en lees de beschikbare diagnosegegevens uit voordat u de eenheid loskoppelt.
  2. Controleer de voeding, massa en bijbehorende bedrading. Verhelp de vastgestelde oorzaak van eventuele schade voordat u het vervangende onderdeel aansluit.
  3. Maak een back-up van de gegevens van de oorspronkelijke eenheid, indien deze veilig kunnen worden uitgelezen, en bereid de gekozen methode voor om het systeem in gebruik te nemen.
  4. Schakel het contact uit, wacht tot de elektronische systemen in ruststand zijn gegaan en koppel de accu los volgens de procedure van de voertuigfabrikant.
  5. Maak de eenheid toegankelijk volgens de servicedocumentatie. Reinig vóór het losmaken de omgeving van de stekkers, zodat er geen vuil in terechtkomt.
  6. Maak de vergrendelingen van de stekkers los en koppel ze los zonder aan de kabels te trekken of de contacten los te wrikken.
  7. Maak de bevestiging los en verwijder de oorspronkelijke eenheid. Controleer de houders, kabelboom en eventuele sporen van binnendringend water.
  8. Vergelijk beide eenheden opnieuw. Laat het klonen of de voorbereiding voor initialisatie vakkundig uitvoeren volgens de gekozen procedure.
  9. Bevestig de vervangende eenheid zonder spanning op de behuizing of bedrading. Plaats de stekkers in de juiste positie en vergrendel ze.
  10. Sluit de accu aan volgens de instructies van de fabrikant. Voer, indien de gekozen methode dit vereist, de initialisatie, telecodering en aanpassing van de sleutels uit met de voorgeschreven apparatuur en een stabiele voeding.
  11. Controleer de diagnosecommunicatie, de juistheid van de configuratie en of de motor kan starten. Beoordeel eventuele storingen voordat u een proefrit maakt.

4) Controles na montage en proefrit / controle van de werking

  • Controleer of de motor start, stabiel loopt en reageert op het gaspedaal.
  • Controleer de waarschuwingslampjes en diagnosegegevens. Wis het storingsgeheugen pas nadat de storingen zijn vastgelegd en de oorzaken zijn verholpen.
  • Als de motor goed loopt en het voertuig geen storingen vertoont die de veiligheid in gevaar brengen, maak dan een korte proefrit en lees daarna de diagnosegegevens opnieuw uit.
  • Controleer na het testen van de werking opnieuw of de stekkers goed vergrendeld zijn en de bedrading correct is geleid.

5) Veelvoorkomende montagefouten en hoe u ze voorkomt

  • Vervanging zonder de oorspronkelijke storing te controleren: controleer eerst de elektrische circuits en aangesloten onderdelen om hernieuwde schade te voorkomen.
  • Alleen kiezen op basis van het automodel: vergelijk ook de aanduiding van de eenheid en de beschikbare gegevens over de uitvoering ervan.
  • Aansluiten zonder de vereiste aanpassing: bereid vóór de montage het klonen of de initialisatie en de aanpassing van de sleutels voor.
  • De stekkers met geweld beschadigen: maak altijd eerst het vergrendelingsmechanisme los.
  • De voeding onderbreken tijdens het programmeren: gebruik een geschikte voedingsondersteuning en onderbreek een lopende schrijfbewerking niet.
  • Vocht of corrosie laten zitten: verhelp niet alleen de gevolgen, maar ook de oorzaak ervan.

Montage en codering – belangrijk

  • De eenheid is gebruikt en is gekoppeld aan het oorspronkelijke voertuig (VIN/PIN/sleutels).
  • Mogelijkheden om de eenheid in gebruik te nemen:
    1. Gegevens klonen van de oude eenheid (EEPROM/Flash) – na het klonen is de eenheid plug-and-play.
    2. Virginiseren en vervolgens initialiseren/telecoderen via DiagBox (eventueel online) + de sleutels aanpassen.
  • Het wordt aanbevolen dit te laten uitvoeren door een vakman met PSA-serviceapparatuur (DiagBox/Lexia/PP2000).
  • Koppel vóór demontage/montage altijd de accu los en volg de procedure van de fabrikant om schade aan de eenheid te voorkomen.

Oorzaken van schade aan het onderdeel

Bij injectieregeleenheden kunnen in het algemeen de volgende oorzaken tot schade leiden. Dit is geen beschrijving van de vastgestelde staat van dit specifieke exemplaar.

  • Vocht en corrosie op de contacten of in de eenheid.
  • Kortsluiting in de bedrading of een aangesloten onderdeel, waardoor de uitgangscircuits beschadigd kunnen raken.
  • Overspanning, verkeerde polariteit of ondeskundige ingrepen in de voeding.
  • Thermische belasting, trillingen en veroudering van elektronische componenten.
  • Ondeskundig openen van de eenheid of onderbroken programmering, waardoor de elektronica beschadigd kan raken of de werking ervan onmogelijk kan worden.

Het verhelpen van de oorzaak van de oorspronkelijke storing vóór vervanging helpt de vervangende eenheid te beschermen en herhaalde reparaties te voorkomen.

Bijkomende informatie

Gewicht 1 kg

Tenzij anders vermeld in de beschrijving, zijn alle foto's uitsluitend ter illustratie.

Wij behouden ons het recht voor de bestelde referentie te vervangen door de door de fabrikant aangewezen vervangende referentie.

De onderdelen zijn afkomstig van schadevoertuigen, worden zorgvuldig gecontroleerd en wij bieden daarop 12 maanden garantie op de werking.